In de 2e Hoogstraat op nummer 34 woonde de familie Bilderbeek. Het was een Joodse familie. Zij zijn in 1942 gedeporteerd naar Auschwitz en nooit meer teruggekomen. Vergast. Hoe ik dat weet? Ik loop elke morgen door de 2e Hoogstraat. Ter hoogte van nummer 34 ligt een koperen plaatje met een tekst. Recht voor de deur. Het plaatje zit bevestigd aan een steen in de stoep. Het is een Stolpersteine. Een Struikelsteen. Je kan er het volgende op lezen: “Abraham Bilderbeek, geboren 1886, gedeporteerd 1942 uit Westerbork, vermoord 19-2-1943 Auschwitz“.
Het lijkt wel of ik de enige ben die het ziet. Toeristen kijken niet op of om en lopen door. Eigenlijk loopt iedereen door. Ik woon nog niet zo lang in Amsterdam, maar ik zie op veel plekken verwijzingen naar de 2e wereldoorlog. De Holocaust. Naast museum de Hermitage aan de Amstel ligt de Nieuwe Keizersgracht. Op de kade tegenover de huizen zijn op de grond metalen plaatjes bevestigd met de namen van de Joodse families die daar uit hun huizen zijn gehaald. Gedeporteerd. Hele families zijn op deze manier vermoord. Meer dan 200 bewoners van één gracht. Ik ben er meerdere keren gaan zitten en dacht na over hoe dat moet zijn geweest voor de mensen die toen leefden. Joden en niet-Joden. Ik werd en wordt er iedere keer stil van.
Op de Dirk van Nimwegenbrug, op de hoek van de Amstel en de Nieuwe Keizersgracht, hangt een straatnaambordje. Er staat op Schaduwkade. Dit is de bijnaam van de Nieuwe Keizersgracht die de huidige bewoners hebben gegeven. Schaduwkade. Uit schaamte. Ik vraag mij af of ik had geweten wat er allemaal gebeurde in mijn stad tijdens de oorlog. En als ik het had geweten, wat zou ik hebben gedaan? Als niet-Jood.
Ik moest denken aan Anne Frank. Natuurlijk ben ik in haar huis geweest op de Prinsengracht. Indrukwekkend. Niet zo zeer door het (achter) huis, maar door de beelden die er te zien zijn. De filmfragmenten van de ontberingen. De vernederingen. Het scheidden van kinderen van hun ouders. De vergassingen. De stapels doden. De interviews met overlevenden. Miep Gies.
Zou ik Anne een leuk meisje hebben gevonden? Ze was een beetje voorlijk voor haar leeftijd. Wijsneus. Maar Anne staat als voorbeeld voor de verschrikkingen. Het is een verhaal waar mensen zich aan vast klampen om te leren begrijpen wat er is gebeurd. Het is goed dat er dag in dag uit lange rijen voor het huis van Anne staan.
Maar begrijpen doe ik de oorlog niet. Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Het willen begrijpen is een begin van accepteren. Dat nooit! Ik ben geboren in februari 1964. De 2e wereldoorlog was afgelopen in mei 1945. Toen ik werd geboren was het nog niet eens 20 jaar geleden dat mensen elkaar op deze manier naar het leven stonden. Hele bevolkingsgroepen zijn uitgemoord. En waarom? Omdat ze Jood of Zigeuner of homo waren of probeerden om deze mensen te verbergen. We zijn nu 50 jaar later. En wat hebben we ervan geleerd? Wat heb ik ervan geleerd?
Hoe paradoxaal is het dat de inwoners van Israël de inwoners van Palestina zo haten. En andersom. Dat Israël zelf oorlogsmisdaden pleegt. Ik zie wat ik zie. Natuurlijk is het niet fijn als er raketten op jouw land worden afgevuurd. Natuurlijk is het lastig dat ongure types uit Gaza via ondergrondse gangen chaos proberen te creëren. Maar het gaat erom dat je geen oorlog moet voeren. Het gaat erom dat er nooit een reden is om mensen te doden. Zeker niet als je zelf als volk zware verliezen hebt geleden. De economisch sterkste bent en Amerika ook nog eens jouw bondgenoot en sponsor is. Doe normaal!
Ik ben geen held. Ik ben lui en naïef als het mij uitkomt. Ik kijk ook wel eens de andere kant op. Dat maakt mij bang. Wat had ik gedaan tegen de Jodenvervolging? Had ik Joden ook zo gehaat? Had ik ze onderdak geboden? Had ik ze verklikt? Er zijn meer laffe mensen dan helden.
Is het genoeg dat ik elke morgen even stil sta bij de voordeur van Abraham Bilderbeek en aan hem denk?
Karsu – Inci Tanem – YouTube
Karsu – Neredesin Sen – Spotify
Deel de blog van Johannes Biertuin
Vind-ik-leuk Aan het laden...